Roadtrip door Kroatië
Drie uitgewerkte roadtriproutes door Kroatië, van de hele kust in twee weken tot een rondje Istrië. Met rijtijden, tol, veerboten en slaaptips.

Kroatië is een land om te rijden. De afstanden zijn behapbaar en de mooiste stukken liggen nou juist daar waar geen trein komt. Met een auto ga je in twee weken van een Venetiaans havenstadje in het noorden naar een ommuurde stad in het diepe zuiden, langs watervallen, zoutpannen en baaien waar je anders nooit was beland.
Hieronder staan drie routes. De eerste volgt de hele kust van noord naar zuid en vult een vakantie van twee weken. De tweede blijft in het noorden en is bedoeld voor wie met de eigen auto komt en niet het halve land door wil. De derde begint in Zagreb, gaat door het binnenland langs de Plitvicemeren en eindigt in Split.
Zie ze alle drie als een skelet, niet als een dagprogramma. Schuif nachten heen en weer, sla een tussenstop over of plak er een eiland aan vast. De rijtijden zijn gerekend met rustig rijden en een koffiestop, niet met het optimistische getal van je navigatie.
Welke route past bij jou
| Route | Dagen | Afstand | Start | Eind |
|---|---|---|---|---|
| 1. De kust van noord naar zuid | 14 | ruim 700 km | Rovinj | Dubrovnik |
| 2. Istrië en de Kvarner | 10 | ruim 400 km | Rovinj | Rovinj |
| 3. Binnenland van Zagreb naar Split | 8 | ruim 500 km | Zagreb | Split |
De keuze hangt vooral af van hoe je aankomt. Kom je met de eigen auto uit Nederland, dan ligt Istrië op een lange rijdag en de Kvarner net iets verder. Dan is route 2 het logischst, en route 1 alleen als je echt drie weken hebt, want die 700 kilometer moet je ook weer terug.
Vlieg je heen en huur je ter plekke, dan zijn route 1 en 3 juist prettig, omdat je op het ene vliegveld ophaalt en op het andere inlevert. Reken wel op een toeslag voor het inleveren op een andere locatie, en boek dat vooraf, want niet elke maatschappij doet het.
Route 1: de kust in twee weken
Dit is de klassieker. Je begint op het Istrische schiereiland, volgt de kust naar het zuiden en eindigt in Dubrovnik. Op papier is het ruim 700 kilometer, maar door alle tussenstops voelt het als veel meer. Die veertien nachten breng je in Kroatië zelf door; de rit van en naar Nederland komt daar nog bovenop.
Istrië, de eerste twee nachten
Begin in Rovinj, het Venetiaanse stadje met de kerktoren op de punt. Vandaar is het een klein half uur naar Porec met de Euphrasius-basiliek, en een dik half uur naar Pula, waar het Romeinse amfitheater aan het eind van een winkelstraat staat. Alles ligt hier binnen een uur rijden, dus neem één basis en doe de rest als dagtrip.
De Kvarner, één nacht
Van Pula rijd je ongeveer 100 kilometer, in anderhalf uur, naar Opatija, de oude Habsburgse badplaats aan de voet van de Učka. Loop een stuk van de Lungomare, de wandelpromenade die kilometers langs het water doorloopt. Daarna gaat de weg zuidwaarts langs de kale flank van de Velebit naar Senj, met het vierkante fort Nehaj boven de stad. Dit stuk D8 is berucht om de bura, de valwind die uit de bergen komt zetten.
Zadar en Nin, twee nachten
Van Senj naar Zadar is het ruim 150 kilometer en ruim twee uur over de kustweg, of iets sneller via de snelweg. Zadar heeft een Romeins forum, een rond stadsplan op een schiereiland en aan de punt het zeeorgel dat op de golven speelt. Een kwartier noordelijker ligt Nin, een piepklein stadje op een eilandje in een lagune, met zoutpannen en het langste zandstrand van dit deel van de kust.
De Krka-streek, één nacht
Zuidwaarts kom je bij Sibenik, een havenstad met een kathedraal die helemaal uit in elkaar gezette steenplaten bestaat, zonder mortel. Vlak erboven ligt Skradin, het dorpje aan het water waar je het nationale park Krka binnengaat. Vanaf de kade vaar je het laatste stuk naar de watervallen. Kom vroeg, want de parkeerplaats en de boot zitten in juli en augustus tegen de middag vol.
Split en Trogir, drie nachten
Van Šibenik is het nog zo’n 90 kilometer, een klein uur, naar Split, de tweede stad van het land, waar de oude binnenstad letterlijk in een Romeins keizerpaleis is gebouwd. Zet de auto in een garage aan de rand en loop. Een half uur westelijker ligt Trogir, een ommuurd stadje op een eiland tussen twee bruggen, pal naast het vliegveld. Vanuit Split vaar je bovendien zo naar de eilanden, dus hier past makkelijk een extra nacht bij.
De Makarska-rivièra, één nacht
De kustweg klemt zich hier tussen de zee en de Biokovo, de bergwand die tot ruim 1700 meter oploopt. Eerste stop is Omis, waar de Cetina tussen de rotsen door de zee in komt en je kunt raften of ziplinen. Daarna volgen Brela met zijn kiezelstrand en de losse rots in het water, en Makarska als drukkere hoofdplaats met terrassen aan de haven.

Pelješac en Ston, één nacht
Bij Ploče houdt de snelweg op en rijd je verder over de D8. De brug naar het schiereiland Pelješac maakt van dit stuk een doorgaande rit zonder grenscontroles. Op het schiereiland liggen wijngaarden en aan de voet ervan Ston, met een verdedigingsmuur van kilometers lang over de heuvels en zoutpannen die al eeuwen in gebruik zijn. In de baai van Mali Ston worden oesters gekweekt, en die eet je hier aan het water.

Dubrovnik en Cavtat, drie nachten
De laatste zo’n 55 kilometer, een uur rijden, brengen je naar Dubrovnik. Loop de stadsmuur rond, het liefst vroeg of tegen sluitingstijd, want overdag is het er schouder aan schouder als er cruiseschepen liggen. Slapen doe je goedkoper en rustiger in Cavtat, een baai een half uur zuidelijker, vlak bij het vliegveld. Daar lever je de auto in.
Route 2: Istrië en Kvarner in tien dagen
Dit is de route voor wie met de eigen auto uit Nederland komt. Istrië ligt op één lange rijdag, dus je verliest geen halve vakantie aan de heenweg, en binnen de lus zijn de afstanden klein. Van noord naar zuid is het schiereiland nog geen tachtig kilometer.
Begin aan de westkust met Rovinj, Porec en Pula, drie tot vier nachten. Trek daarna het binnenland in. Motovun is een ommuurd dorp op een heuveltop boven het Mirna-dal, waar in de bossen beneden truffels worden gezocht. Een half uur verderop ligt Pazin, waar de grond middenin de stad wegvalt in een kloof van ruim honderd meter diep. Twee nachten in een agriturismo tussen de wijngaarden is hier beter besteed dan een derde hotel aan zee.
Rijd dan over de A8 door de heuvels naar Rijeka, de grote havenstad van de Kvarner, met het Korzo als winkelstraat en het kasteel Trsat op de heuvel erboven. Sluit af met een eilanddag. Krk bereik je zonder veerboot, want er ligt een brug, dus dat kan gewoon een dagtrip zijn. Wil je iets stillers, neem dan de veerboot naar Cres, een lang en leeg eiland met kiezelbaaien en een dorp dat boven een meer hangt. Van daar is het via Opatija terug naar Istrië.
Route 3: van Zagreb naar Split door het binnenland
Wie in de hoofdstad aankomt, hoeft niet meteen naar de kust te schieten. Deze route neemt acht dagen en laat het deel van Kroatië zien dat de meeste zonvakanties overslaan.
Begin met twee nachten in Zagreb, met de bovenstad, de markt van Dolac en meer museums dan je in twee dagen doet. Rijd daarna in een klein uur naar Karlovac, de vestingstad in de vorm van een ster waar vier rivieren samenkomen, met een zoetwateraquarium en even buiten de stad een openluchtmuseum over de oorlog van de jaren negentig.
Van Karlovac is het nog ongeveer anderhalf uur naar de Plitvicemeren, het bekendste nationale park van het land, met zestien meren die via watervallen in elkaar overlopen en houten vlonderpaden over het water. Blijf hier een nacht in de buurt, zodat je vroeg het park in kunt voordat de bussen arriveren. De parken hebben een eigen pagina met openingstijden, entree en welke ingang je neemt, zie de gids over de nationale parken.

Daarna daal je af naar de kust bij Zadar, goed voor twee nachten, en rijd je in anderhalf uur door naar Split. Heb je dagen over, plak er dan het park Krka bij Skradin tussen, of het stadje Trogir vlak voor het vliegveld.
Rijden in Kroatië
De A1 loopt van Zagreb via Zadar en Split door tot Ploče en is de ruggengraat van het land. Het is een gesloten tolsysteem, dus je trekt een ticket bij de oprit en rekent bij de afrit af met pinpas of contant. Er is geen vignet zoals in Slovenië en Oostenrijk, al heb je die twee onderweg vanuit Nederland natuurlijk wel nodig. De weg is breed en goed onderhouden. Mooi is hij nergens.
Daarnaast ligt er de D8, de oude kustweg. Die is spectaculair, met de zee aan de ene kant en kale bergwanden aan de andere, maar je rijdt er vaak niet harder dan vijftig tot zeventig. Tussen Zadar en Split scheelt het al snel een uur ten opzichte van de snelweg, en dat is nog zonder de bochten achter een camper. De slimste verdeling is de lange sprongen over de A1 maken en de korte etappes over de D8.
Tanken gaat vanzelf langs de A1 en in elke grotere plaats, maar op de eilanden en schiereilanden zijn pompen schaars, dus vul daar bij gelegenheid bij. Dimlicht overdag is in de wintermaanden verplicht, en voor jonge bestuurders geldt een strengere alcohollimiet dan de halve promille die verder gangbaar is.
Parkeren is in juli en augustus het grootste ongemak van een roadtrip. In de kuststeden is het centrum afgesloten of betaald, je rekent per uur af in zones met een automaat of app, en de garages aan de rand zitten tegen de middag vol. Kies dus accommodatie waar een plek bij zit. Op de schiereilanden en in de heuveldorpen worden de wegen bovendien smal en steil, met weinig uitwijkruimte, dus een grote auto is daar geen voordeel.
Je auto op de veerboot
De veerboten van Jadrolinija nemen auto’s mee, de snelle catamarans niet. Dat is het belangrijkste onderscheid. Een catamaran is een passagiersschip en brengt je in de helft van de tijd naar bijvoorbeeld Hvar of Korčula, maar je auto blijft dan aan de wal staan. Wil je met de auto naar een eiland, dan zoek je dus de gewone autoveerboot.
In het hoogseizoen reserveer je de overtocht vooraf en ben je ruim op tijd bij de kade. Zonder reservering sluit je aan in de rij en schuif je door naar de volgende afvaart als de boot vol is. Buiten het seizoen rijd je meestal zo aan boord, maar vaart er minder.
Niet elk eiland heeft een boot nodig. Krk hangt met een brug aan het vasteland en Pelješac sinds 2022 ook. Welke havens op welke eilanden aansluiten en hoe lang je onderweg bent, zoek je uit met de eilandhop-tool.
Wanneer je een roadtrip doet
Mei, juni en september zijn de beste maanden om te rijden. Het is warm zonder tropisch te worden, de kustweg is rustig, parkeren kost geen zoektocht en accommodatie is een stuk goedkoper dan in het hoogseizoen. In september is de zee bovendien op zijn warmst, na een hele zomer opwarmen.
Juli en augustus zijn het drukst, met files op de D8, volle veerboten en hitte in de auto. Het kan prima, maar boek dan alles vooruit en rijd de lange etappes vroeg. In april en oktober rijdt het juist heerlijk, al is zwemmen dan iets voor doorzetters. De maandcijfers per regio staan bij beste reistijd voor Kroatië.
Slapen onderweg
Op een roadtrip slaap je meestal in een apartman, een appartement of kamer bij mensen thuis. Dat is het standaardaanbod langs de hele kust, vaak met een eigen terras en bijna altijd met een parkeerplek. Hotels vind je vooral in de grote plaatsen en de oude badplaatsen, en die zijn duurder. Campings liggen in Istrië en langs de Kvarner bij bosjes, veel ervan groot en direct aan het water.
Vooruit boeken is in juli en augustus geen overbodige voorzichtigheid maar noodzaak, zeker in Dubrovnik, Split en Rovinj. In mei, juni en september kun je losser plannen en onderweg beslissen waar je blijft. Houd er rekening mee dat veel verhuurders een minimumverblijf van drie of vier nachten hanteren in het hoogseizoen, wat een route met korte etappes lastiger maakt.
Een roadtrip door Kroatië valt of staat met niet te veel willen. Drie basissen in twee weken is prettiger dan zeven, en de uren die je op de weg uitspaart gebruik je voor een lange lunch in een konoba of een kiezelstrand dat je toevallig zag liggen. De routes hierboven zijn er om van af te wijken.
Veelgestelde vragen
Beeldverantwoording
Beeldmateriaal op deze pagina via Wikimedia Commons en Wikipedia.
- Falk2 (CC BY-SA 4.0) —
- Jos. (CC BY 3.0) —
- Carsten Steger (CC BY-SA 4.0) —